zin: animo genoegen smaak voorliefde wens betekenis begrip gevoel gezindheid frase stemming


16.2.17

winter in madrid




madrid is somber in februari
binnen noch buiten kwistig
met licht je krijgt geen lucht
een hels lawaai teistert je oren
ze boren en scheuren
over acht vakken
dwars door de stad

in dorre parken blazen mannen
bladeren in het rond
een eenzame jogger waait
geruisloos voorbij

museo del prado
daar speelt het zich af
rijen kleuters circuleren er getweeën
hand in hand door de enorme zalen
zitten stil als hedendaagse prinsenkinderen
met gekruiste beentjes in hun blauwe uniform
vóór de gouvernantes - las meninas -
wat vertellen jullie hen
over velasquez de rebelse goya
el greco vroom maar fluorescerend
van kleur een zoete rafaël en titiaan

op straat alweer die grijze mist
van stof soms een waas van regen
ga schuilen in de metro of het koffiehuis

en later op de middag beland je
in een diep verborgen zaaltje
vol met volk boven witte tafellakens
een weekdag om vier uur - de tijd staat stil
en er wordt eindeloos geschranst
in de beste bruegelstijl
aan tafels gevuld met krabben en
garnalen knappen notenkrakers
scharen man stopt vrouw
een hapje in de mond

nu blijkt ineens
op lust en samenzijn
staat hier geen tijd


© lieve de vos
15 februari 2017

13.2.17

ik vecht en ik kom boven




twee dikke dekbeden
en daaronder smelt ik weg
hé waar zijn mijn dijen nu gebleven

mijn borstkas kraakt
een oude houten deur
waar de wind mee speelt
verdomde chinezen met hun eenden
laat xi jinping daar eens 
iets aan doen

drie dagen en drie nachten 
zijn een eeuwigheid ik
kan mijn bed niet meer zien
maar lijk eraan verkleefd

naast mij liggen mensen in tenten
en keten in de sneeuw
zij zijn vuil - ik ook
te zwak voor hygiëne wij
kunnen niet eten met moeite drinken
wel zo praktisch als je niets te eten hebt

zij zijn jonger denk ik ze zijn
taai wij kunnen samen beter worden
toch

de mens is taai de wreedheid ook
het krokodillenpantser dat
klemt om onze geest

intussen win ik de afvalrace
voor verwende westerlingen
twee kilo in drie dagen
wie doet beter

straks vlieg ik naar het zuiden
kan vrij reizen dank u - ga ik
tapas eten misschien kun je
beter van vreten spreken

de race to the bottom neemt
onstuitbaar zijn beloop
het is overleven
of vergaan

© lieve de vos
30 januari 2017

1.1.15

museum van verdwenen levens












een strijder voor je voeten uitgestrekt
bijna een blik haast een glimlach
hoe rijk ook de aarde
je ruikt ze niet

het is te mooi voor echt. ik schrik
als iemand zegt een taliban
dan geeft het niet

zijn weefsels zijn gebleekt als was
zijn leden brosse stokken
inwikkelen wil ik ze
met dekens dit was even
iemands kind

een beeld steriel gestold
geen stank en geen gedonder
hitte stof of gure wind
gevaar je houdt je adem in
dit is een droom 
een tunnel - daar
het licht

glazig zweef je onder water
te midden van oeroude wezens
sepiakleurig gefixeerd
in barnsteen gevangen als
een lijk in nutteloze grond
het zuivere vuur ontroofd

uitgepuurd
en nergens voel je nog het
wufte wiegen van de klaproos
graan of stoere zonnebloemen
geen soldaat omarmt
zijn stervend paard

enkel verdriet waart rond
in deze lege hal een pantheon
staart naar de open hemel
centraal het nulpunt 
waar de loodlijn zwaait
de slinger van het lot

bij een fototentoonstelling

© lieve de vos
30 december 2014

zie hier de oorlogsfoto's van Luc Delahaye

22.12.14

het drukken van de zomer















waar het heet is is hitte normaal
als het regent rillen de bladeren
er zijn dagen dat de hemel potdicht
zit in je hoofd boven de berg
zijn grijze vuisten balt

de dag daarna glijdt de schaduw
van de huizen lichten
witte kaarsen op
tussen de olijven

wij lossen wij verlossen ons
varen naar het vrije water
roeien zonder doel
drijven zonder overwegen
leggen veilig aan


© lieve de vos
Alonissos, september 2014

11.12.14

even uit de wereld


elk met zijn vrachtje en
de stempels in zijn gezicht
brengt de begeesterde blijheid
en de zorgelijke ernst
waarbij jongemeisjesharen
dartelen als vanouds

lijden groeft gestaag zijn weg
in de bedding van de tijd
vervalt onstuitbaar
tot de monding

een nachtvlinder in het halfduister
tussen roerloze gestalten
tuimelt, cirkelt om een glimp
zijn ingetogen mantel mistig als
de regenboog die oplost
in de lucht

de laatste druppels droefenis
vervluchtigen in onbestendig
licht. verdwijnen maakt
de dingen mooi



© lieve de vos
8 december 2014

3.12.14

zwart en wit onder de zon




1.
so what
jij melkig uitlopende zon

wat daagt daar in je schijnsel
is het de zwarte lieve vrouw
black venus of zwartepiet
ruprecht de knecht

de zwarte is black beauty
de blonde werd the beast
beide genoemd naar de
engel van het licht

zij werd een stijlicoon
nigra sum sed formosa
sta op jij schone kom
de kilte is geleden
de slagen de hagel
en de regen

de ander is een brandpunt
ze staat in de orkaan
verdacht is zij niet te door-
gronden alsof ze echt
zo stil en bleek

2.
terwijl je uitdijt jij matrone
naar het zuiden in de hoogte
krimpen voor je ogen
donkere mormels in

het blakert op de witten
met hun gele haar
kijk uit je wordt vermoord
ik zie je in mijn droom
je rode ogen

zo reist ze verder
de soevereine zon
schuift onbewogen voort
over haar doek van vuile room

verdwijnen zul je altijd weer
dit is je blinde stip: zie hoe
de zwarte ballerina danst
in gitglanzende plassen

bij de tentoonstelling van Kerry James Marshall
in het Muhka te Antwerpen

© lieve de vos
3 december 2014

Foto: 3D-Christian-Wallpaper.com

11.10.14

het oude kabinet




buiten de ferrariskaart zoekt het bloed
voor eeuwig nieuwe wegen
zij niet. zij keert terug in de tijd
tekent een boom met afgebroken takken
hij wemelt van de ereboeren
burgemeesters en natuurlijke
kinderen, zij kleuren de stam

het is van alle tijden en hoewel kippig
ziet zij klaar, pikkelt rond in haar
liberaal archief, wist dagelijks
haar porselein, terwijl daarboven
spinnen waken in hun web
warrelt buiten onophoudelijk
gruis en gedruis

de weg, de brug moet telkens weer
herlegd. het water is al tijden
oeverloos. de stad stort in mort zij
het loopt vol dieven en gespuis
een herenhuis biedt geen refuge
meer geen luwte voor
cultuur en kunst

zo zit zij krimpend neer en
pent met lange halen brieven
zij wekt een uitgeleefd verleden
en verfrist de tinten van
haar porseleinkaarten
onder wit en kaolien
broos en giftig

© lieve de vos
10 oktober 2014

12.7.14

de laatste weg




                              voor Erika


dit boeket gelijkt op jou
een enkele lichte bloem
tussen rode rozen, je mysterie
Kwanyin die zweeft op wolken
vrouwenmantel met de krullen
van een nimf

ik weet niet of de heide bloeide
toen jij geboren werd bij Katowice
en ook niet of de merel in de meidoorn
zong, toen je gymnasium liep te Hagen
en toen al niet vergeten mocht
te prikken

soms werd je lastig toen je suikerwater
drinken moest, hoe zacht ook
was je niet gediend van dwang

maar heengaan deed je niet, telkens weer
kwam je terug, verwaaid en week
een vage glimlach op de lippen

zo liep je onvermoeibaar en alleen
een zinderende geest onder de zomerzon
die onverhoeds vervloog
om drie uur in de middag

je wandelde naar huis terug, naar
het genadeveld, land van geluk
waaraan je zorgzaam punt voor punt
steek na steek gewerkt hebt

sereen in je bewegingen
van binnen rusteloos en aangedaan
van mededogen

© lieve de vos
10 juli 2014

26.2.14

zen  zen  zen  zen  zen  2




ik durf het bijna niet te zeggen
maar ik heb geen wensen
buiten dit

wij hebben al te veel

we moeten rennen struikelen
over onze voeten

alsof je de levende vis
niet kunt vangen als je stil zit
in het zwijgend licht
je geest de vijver spiegelt
een heldere dag

als het licht zonder stilte is
zie je de verschillen
zet je je stekels op

maar is het licht
het zicht verloren
ligt alles braak en nutteloos

creëer een vacuüm in de tijd
de windstoot van de gedachte
is zo meteen voorbij
de onrust houdt het
voor bekeken

zie klaar zoals de zwaan
die melk van water scheidt

© lieve de vos
26 februari 2014

met dank aan Wanshi en Mokusho

beeld naar een pastel van Daniel Vilmus

24.2.14

zen  zen  zen  zen  zen


wij doen aan tijdverlies
best moeilijk zo
staren naar de wand
zodra je nadenkt groeien
hoornen op je hoofd

je moet het leven niet
verlengen maar het wachten
inperken zegt de krant
ja maak het leven korter 
sneller naar het einde

hier is de plaats waar
het weten niet kan komen  
vermijd erover te praten
je geest klept in en uit
zoals de honden blaffen
en schijten op de straat

alleen in wachten waken
wakker zijn en waarde
verschijnt de droom
van de watervogel in
zijn eindeloze ruimte














© lieve de vos
24 februari 2014

met dank aan Nansen, Dogo, Tozan, Wanshi en Mokusho

5.2.14

Gent




je moeder was ze, je thuis
aan beetje groezelig maar knus
en van haar nestgeur was je
je niet eens bewust

waar je rond lage tafels vrij
je dromen debiteerde languit
gestrekt op sofa's met afgezaagde
poten de lange haren schuddend
- dylan riep uit hese boxen -
jofel in slobbertrui en
obligate vuile jeans

zij is onze stad gebleven
statig met een knipoog en
warrig als een lapjeskat
spreidt haar wijde mantel
open: kom erin!

vertrouwd met elke hoek
met alle gaten blijf je
schatten vinden in
de zakken van
die ouwe jas


© lieve de vos
28 januari 2014

Foto: De Gentenaar online

28.1.14

wat lokt daar in de verte?




de leegte van de morgen
wiekt op in de felle zon
een motor scheurt te snel
voorbij - wat blijft? een ver
gezoem getater en gekras
is het het lachen van degenen
die verdwenen? hun ademen
dat tintelt op mijn huid? de
trage golfslag die mij draagt?

zij stegen naar de bergen op
lichtvoetig onbezorgd
het zong in hen vivace en
con brio want komaan
de tijd duurt kort!

één welgemikte klap
een hond onder de wielen
een slang wordt op het erf
met ruberrook bestookt
sist ze - ten aanval - kronkelt
in de vlucht? niets baat
hier is haar uur geslagen

zo worden ook geliefden
in één slag geveld
iets brandt er in hun ingewanden
een kiem van vuur een
weerlicht in het bloed
het manco van de tijger die
zich schuilhoudt voor de dag

hoor ik zijn laag gesnor?
de ogen van het spookdiertje
gaan straks onschuldig open
in de nacht


© lieve de vos
11 oktober 2013

13.1.14

Ons illusoire ondier van Loch Ness




wat schuilt er onder dit rusteloos
kabbelende bestaan? wat leeft
en loert onder het oppervlak
wat is het dat ons drijft
waarop wij drijven?

strak aan de einder rukken wolken aan
dik in het gelid
de wolf volgt als vanouds
het uitschot van de mens
en in het drasland blaft een reekalf
om zijn moeder

gemis bijt in de huid als knijten
die je niet ziet wel alom voelt
rond de obscure plek van Altnabreac
waar schaap noch hert de leegte roert
idyllisch is het land
een paradijs geen mens
ertegen bestand

hij krabbelt oeverloos tussen de stenen
een beer die op de bergflank
motten zoekt
graaft in de kille aarde naar
een glimp van goud die even
klatert en vervloeit als water
maar als hij opkijkt komen
door een veld van distelbloemen
zwaar gehoornde koeien aan

onder een lucht van rook en zilver
lood en tin
zal wie in tranen zaait
in vreugde oogsten
het tij zal keren leven stromen
als beken naar de Okavango
tot alle schraalheid overspoelt
en blikkert van het licht


© lieve de vos
24 augustus 2013

30.12.13

Bijlokevest




stiller kan een straat niet zijn
zo leeg, beloken onder bomen
het puin van vesten in de grond
en mensen aan de rand

haar fiets flitst onder het boogje
door langs de kraan waar ze haar
breukrijst wast. dan de wc's
nee - ze wendt het hoofd

proleten zwijgen en betalen
nog wekelijks de huur aan
een oude feeks - de eigenaar
onvatbaar als vanouds

alleen het kijven van de hoer
de ruzies met haar moer
haar kinderen geplaatst. toch
haalt ze aspirine voor je koorts

hier stond een armenhospitaal
een godshuis, zieken op de zaal
en aan het eind ekkergemkerk
boven de sloppen de refuge

de oude man hield van het poesje
tot hij discreet werd opgehaald
de jonge vraagt of ze geen zin heeft
om te vrijen. zijn zwangere vriendin
maakt geen bezwaar

nee liever zit ze op de stoep
verpot haar plantjes in de zon
kijkt prentenboeken uit het oostblok
met het magistratenzoontje
aan zijn gouden kooi ontglipt

eddy, speedy genoemd, is woest
zijn liefje jammert met de mond vol
bloed - elk kind kost je een tand
haar jas is door zijn maat gepikt

een proletarisch eiland en niet eens
gekraakt. verdoken tussen herenhuizen
promenades en een drukke ring
nog steeds de schamelen van geest

rug aan rug staan residenties en beluiken
zalig de arbeider, maar blijf uit onze
onze ogen! je ongewassen
kinderen worden weggejaagd

's winters put ze met een kannetje
mazout uit een verroeste tank
's zomers hoor je over hoge muren
alweer de vogels zingen in
de tuinen van de rijken


© lieve de vos
30 december 2013

21.12.13

De prieelvogel


je omringt je met dingen
die mooi zijn en waardeloos
broze uitgeteerde blaadjes
veertjes lampionskeletten
lege poppen keverschildjes
witgebleekte schelpen botjes
als ex-voto's voor een god

je pikt noten als een eekhoorn
blink en glitter als een ekster
jij bent een souvenirwinkelier
verzamelaar van etiketten
rariteitenkabinetten. bewaar
je schatten kunstenaar die
zoveel naar je gading vindt

jij hippe speelvogel in je prieel
versiert en lokt met lichtjes en
met koperglans miniatuurtjes
schellen klokken schalen
vol met glinsterende kralen

je stalt jezelf uit etaleert
creëert een eigen wereld
vrij met objets trouvés
een nature morte van verloren
resten een binnentuin waarin je
kunt verdwalen. de geest loopt
leeg a moment of perfection

ik hoor jouw loze dingen zingen
speur hun herinneringen
van keien aan de oceaan
droge bloemen aan de zomer
versleten kleedjes, wie ze
haakte wie ze kreeg

mystieke ziel jij ziet de zaken
in hun intrinsieke zijn
antiek- en kitschverzamelaar
bouw ons een huisaltaar
een veilig nest met bloemen
geur van wierook fruit
een kopje thee een glas sake

je koestert onbestendigheid
maar gunt de dingen nog wat
tijd. rondom je galerij van
sprokkelhout en korstmos
groeit een tuin vol leven


© lieve de vos
21 december 2013

        Foto 1: Canned Yams
        Foto 3: Frans Kerren

29.11.13

stilleven met luis




jij luizig beest dat schuilt
onder je schild verschalkt
ons sluipend in de nacht
terwijl wij sproeien en soigneren
lig je te sluimeren in de oksels
van het blad luie luis - en ik
ik moet voortdurend controleren
nee parasiet ik zie je
liever niet!

de wereld stikt ervan die
parasieten - gespuis
dat kiemt in het geniep
gedijt zo goed in ons klimaat
bestrijden is verbreiden
parasitaire golven zegt men
teisteren zelfs de slaap
totdat met regelmaat daar-
buiten iets of iemand
doodgaat

parasietje parasolletje
verstop je niet onder je dop
ik pak je toch ik hou de wacht
ik ga op jacht - ta taa
krijg je te pakken elke dag
dan rijst de vraag hoe gaat dat
menselijk doden?

als ik de bedjes van mijn
moestuin spit is dit een
staaltje van zinvol geweld?
ik werp slakken op het dak
strik de motten in een net
verzuip microben in het bad

en als ik eindelijk zelf crepeer
tussen de scharen van de kreeft
met nog een spuitje of een kreet
is dit onwaardig sterven?

© lieve de vos
29 november 2013

22.10.13

Fumé


ik zet een bierglas over je heen en
schuif een foto van mijn moeder
altijd voorhanden
onder je kont

je vader woonde hier binnen
je moeder was 't liefste in de tuin
en andersom
het hadden kruisspinnen kunnen zijn

maar jij bent er
nast schuim en elzas
vanaf de wand
nog even en je eet de suiker
net niet
uit mijn mond


Ploos, mei 2012

Denkend aan 'Schuim van Koper', aan Lieve De Vos

In de derde strofe schrijf ik 'nast', een jiddisch woord voor snoepen en lekker eten. 'Snacken', zeg maar.



"The difference between stupidity and genius is that genius has its limits." (Albert Einstein)

31.5.13

Bij Forss River




stilzwijgend glijdt het water naar de zee
onstuitbaar koud en transparant
wat bellen aan de kant

het hellend vlak de flagstones
en het natte kies zij roepen
op de wind

om een moment zonder stem
gestold tot ijzig glas
een leven dat verstilt de baar
die eeuwig hier voorbij
gedragen wordt

het blijft onwrikbaar
bij

© lieve de vos
31 mei 2013

14.5.13

een onbekend syndroom


in ons luimt de dood
ingebed in onze genen
zoveel kernen zoveel zaad

de doder is eruit gehaald
de duivel is au au gebleven
dit warme leven staat in brand
hij bijt en krampt
duwt en stampt
een ezel of een botte stier
de rode stinkend als
een geitenbok stotend
met zijn horens

speelt met de riek
priemt in je ingewand
doet je de duivel aan
inferno in de onderbuik
floept te voorschijn uit zijn doosje
piept naar buiten uit de aars

en in de wolken kijkt
het domme gezicht
van een god

het is wachten
op de nieuwe heilige
die heidenen bevrijdt
schriel meisje la flaquita
benig in haar kanten kleed
ooit zal ze welkom zijn
santa muerte




© lieve de vos
14 mei 2013

25.4.13

Het kasteel van Halle




wat wij nooit meer zullen zien
hoe onvermoed het ook bedolven lag
onder onze voeten, die naarstig stapten
naar de markt, naar de kliniek
het moederhuis, waar nieuwe levens
zich op oude vesten entten en op
hun beurt vermolmden en bezweken

dit is het hart van Halle, waar ooit
ruiters draafden over de kasseien
van een onderaardse weg: een tunnel
tussen Klinkaert en Kasteelstraat
tot de poorten van de burcht, pal
onder 't hoogkoor van Maria's basiliek
daar trokken reizigers, op pelgrimstocht
van Mechelen naar Halle, steeds verder
zuidwaarts tot de zon van Burgos

hier op de oever van de Zenne is
gebeden en geleden, gezongen en gevierd
dit waterslot heeft ons verdedigd tegen
vreemde legers, van op zijn vestingtorens
keermuren, zijn grachten en zijn wallen

later – vervallen – kochten nonnetjes
het oude stadskasteel, zij zorgden
er voor armen zieken wezen
nu pikkelen hier oudjes van het rusthuis
door hun blinkend nieuwe gangen

op deze middeleeuwse kern – het slot al
lang gesloopt, de kerk bewaard – gaan wij
niet allen telkens weer dezelfde weg?
op fundamenten en kantelen, brokstukken
van eeuwen; en is het niet dit rijk verleden
dat ons heden geeft: een stad die leeft!

© lieve de vos
5 februari 2013


Geschreven voor Dichter bij Vroeger, project van stadsdichter Geert Vanhassel en Toerisme Halle. Opgenomen in deze fraai uitgegeven bundel.

Tekening: Panorama van Halle, Brusselpoort en kasteel op de achtergrond. Anonieme tekening van na 1580.