zin: animo genoegen smaak voorliefde wens betekenis begrip gevoel gezindheid frase stemming


Posts tonen met het label zee. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zee. Alle posts tonen

27.6.12

Waadland




de zee moet grauw zijn, zeg je
golfjes hebben, rennen
buitelen tegen je kuiten

wat zoek je dan, daar
op het wad? ach niets...

een wissewasje voor een kind:
op de wadden moet je waden
voetjes baden in zoet zand

wat scharrelen bij eb en ebbenhout
hier lig je nu, jij zilverrover
gesierd met harig wier
zij zingt voor jou
veeltonig

                                en de vloed die kwam
                                en de eb die ging...*


zilte zee, jij opgewonden standje
stuw je op, speel golfjebruis
en rol met schelpengruis

de lepelaar, de likkebaard
slurpt juttersgrut
scholekster met de rooie bek
doorprikt het pierenveld
eendje, wiggel piggel mee
ga drijven op de stoute zee!

een kwetternest dat rijst
en knabbelt aan het strand
verdrijft het wandelland

dit continent vervelt
zijn rand wordt afgepeld
wij pikken aarde in en thuis
dwalen zul je en verdwijnen
tussen stuivend, drijvend zand

© lieve de vos
24 juni 2012

*J. Visser, 1957

24.9.11

De weg naar Panormos




de mens
een zwerver
trekt 's ochtends op sandalen
langs de hete lege weg
een pelgrim zonder jakobsschelp
maar toch - de Heer
zal u bewaren

kapelletjes als staties
vastgeroest en zwart beroet
wat munten naast een dronken pit
die drijft in groene olie
volgeschonken plastic flesjes
voor het oog der Vrouwe
de icoon - het icoon

hij stijgt omhoog de sferen in
omgeurd door den en venkel
hij draagt zijn hoed met brede rand
een stok tegen de honden -
laat ze blaffen

de slinger haalt hem weer
beneden de weg bezaaid
met geitenkeutels rijpe
vijgen en tot slot: hoe
rijkelijk de zee

thalassa thalassa
ach kon je maar een duik
je ruikt er vis de katten nee
ze zijn niet meer zo mager
parakaló men schenkt je
marmelade een glas
water en tomaten
efcharisto!


© lieve de vos
14 september 2011

23.8.10

B. old graveyard




graven
staan stil
zij verdrijven de tijd

bij voorkeur zijn ze verdwenen
overschouw de leegte
het veen en de vennen
verweerde stenen
staren zich blind
aan de lucht waart nog licht

daaronder verteren beenderen
geurt verval uit de natte aarde
waar bezinksel van lijven slinkt
de laatste verhevenheid
inklinkt, tot enkel
een stèle ten hemel reikt

ruïnes gluren als hunebedden
hun ogen door de
elementen weggevreten

zovele levens finaal vergeten
verschrompeld tot korstmossen
op zerken, scheefgezakt
in het wilde gras

evenzeer
ruist beneden
de zee

© jindoni
23 augustus 2010

7.8.10

Passage 2010




de kern van dit leven wil ik kraken voor
mijn geliefden klein en groot kind en kraai
zevenmijls zullen we lopen op rubberlaarzen
tussen angusrunderen badderen door slijk

ik bespikkel je kale heuvels met schapen
de ochtendwei melancholisch bepareld
over je voorland wit poeder gestrooid
het moeras van je hart bevlag ik met pluizen van veen
je weg paars omzomen met distelkronen
de bermen met zoete spirea bepluimd

hand in hand gaan we ijskoude pootjes baden
wankelend zweven op rollende golven
met krijsen en bruisend gelach
om daarna een nieuw continent te betreden
versplinterd zijn grenzen momenten in zand geharkt
als tuinen onder granieten keien van eeuwen

zonder vrees verkennen we grotten van gneis
stoten op drijfhout in de roze woestijn
gebleekte wervels klauwen en ribben op zwart
satijn een buik ros behaard tersluiks
onthul ik de staart vergooi in de wind
oude raad aan de dood niet te raken

want met jou wil ik alle kusten beklimmen
hoe hoog ook de klip in de duinpan van je
armen niet rusten tot de top is bereikt
boven kerkhoven speuren naar bruinvissen en dolfijnen
wij vangen een glimp waar het water rimpelt
de tuimelaar buitelt zij ronden de kaap

door membranen van oceanen en aarde
pulseren talloze wezens ontstaan en vergaan
nu vrij zijn de wereld in stilte te proeven
alleen is het uitzicht ruim en wijd
verwijlen in onbeweeglijkheid
genieten de glans van de tijd

© jindoni
28 juli 2010

gepubliceerd op Hernehim Cultuur op 7 december 2010

13.6.10

Zinkend zand




schroomvallig heb ik het water benaderd
mijn voeten ontbloot
in ontzag het betreden
met blijdschap
zoals men de liefde beroert

nog immer suist de hoorn van de meerman
de wijze die uitbarst in branding
en stormen bedaart
een kleine zeemeermin baart
zijn groene haren nu grijs

en zuigend trekt de eb aan mijn benen
ik duizel en knipper
tast naar de einder
waar alles wijkt, alles smelt

ah die onmetelijkheid
de lokzang van leegte en dood...

nu wandelen in een zonnig park

© jindoni
8 juni 2010