zin: animo genoegen smaak voorliefde wens betekenis begrip gevoel gezindheid frase stemming


28.1.14

wat lokt daar in de verte?




de leegte van de morgen
wiekt op in de felle zon
een motor scheurt te snel
voorbij - wat blijft? een ver
gezoem getater en gekras
is het het lachen van degenen
die verdwenen? hun ademen
dat tintelt op mijn huid? de
trage golfslag die mij draagt?

zij stegen naar de bergen op
lichtvoetig onbezorgd
het zong in hen vivace en
con brio want komaan
de tijd duurt kort!

één welgemikte klap
een hond onder de wielen
een slang wordt op het erf
met ruberrook bestookt
sist ze - ten aanval - kronkelt
in de vlucht? niets baat
hier is haar uur geslagen

zo worden ook geliefden
in één slag geveld
iets brandt er in hun ingewanden
een kiem van vuur een
weerlicht in het bloed
het manco van de tijger die
zich schuilhoudt voor de dag

hoor ik zijn laag gesnor?
de ogen van het spookdiertje
gaan straks onschuldig open
in de nacht


© lieve de vos
11 oktober 2013

13.1.14

Ons illusoire ondier van Loch Ness




wat schuilt er onder dit rusteloos
kabbelende bestaan? wat leeft
en loert onder het oppervlak
wat is het dat ons drijft
waarop wij drijven?

strak aan de einder rukken wolken aan
dik in het gelid
de wolf volgt als vanouds
het uitschot van de mens
en in het drasland blaft een reekalf
om zijn moeder

gemis bijt in de huid als knijten
die je niet ziet wel alom voelt
rond de obscure plek van Altnabreac
waar schaap noch hert de leegte roert
idyllisch is het land
een paradijs geen mens
ertegen bestand

hij krabbelt oeverloos tussen de stenen
een beer die op de bergflank
motten zoekt
graaft in de kille aarde naar
een glimp van goud die even
klatert en vervloeit als water
maar als hij opkijkt komen
door een veld van distelbloemen
zwaar gehoornde koeien aan

onder een lucht van rook en zilver
lood en tin
zal wie in tranen zaait
in vreugde oogsten
het tij zal keren leven stromen
als beken naar de Okavango
tot alle schraalheid overspoelt
en blikkert van het licht


© lieve de vos
24 augustus 2013

30.12.13

Bijlokevest




stiller kan een straat niet zijn
zo leeg, beloken onder bomen
het puin van vesten in de grond
en mensen aan de rand

haar fiets flitst onder het boogje
door langs de kraan waar ze haar
breukrijst wast. dan de wc's
nee - ze wendt het hoofd

proleten zwijgen en betalen
nog wekelijks de huur aan
een oude feeks - de eigenaar
onvatbaar als vanouds

alleen het kijven van de hoer
de ruzies met haar moer
haar kinderen geplaatst. toch
haalt ze aspirine voor je koorts

hier stond een armenhospitaal
een godshuis, zieken op de zaal
en aan het eind ekkergemkerk
boven de sloppen de refuge

de oude man hield van het poesje
tot hij discreet werd opgehaald
de jonge vraagt of ze geen zin heeft
om te vrijen. zijn zwangere vriendin
maakt geen bezwaar

nee liever zit ze op de stoep
verpot haar plantjes in de zon
kijkt prentenboeken uit het oostblok
met het magistratenzoontje
aan zijn gouden kooi ontglipt

eddy, speedy genoemd, is woest
zijn liefje jammert met de mond vol
bloed - elk kind kost je een tand
haar jas is door zijn maat gepikt

een proletarisch eiland en niet eens
gekraakt. verdoken tussen herenhuizen
promenades en een drukke ring
nog steeds de schamelen van geest

rug aan rug staan residenties en beluiken
zalig de arbeider, maar blijf uit onze
onze ogen! je ongewassen
kinderen worden weggejaagd

's winters put ze met een kannetje
mazout uit een verroeste tank
's zomers hoor je over hoge muren
alweer de vogels zingen in
de tuinen van de rijken


© lieve de vos
30 december 2013

21.12.13

De prieelvogel


je omringt je met dingen
die mooi zijn en waardeloos
broze uitgeteerde blaadjes
veertjes lampionskeletten
lege poppen keverschildjes
witgebleekte schelpen botjes
als ex-voto's voor een god

je pikt noten als een eekhoorn
blink en glitter als een ekster
jij bent een souvenirwinkelier
verzamelaar van etiketten
rariteitenkabinetten. bewaar
je schatten kunstenaar die
zoveel naar je gading vindt

jij hippe speelvogel in je prieel
versiert en lokt met lichtjes en
met koperglans miniatuurtjes
schellen klokken schalen
vol met glinsterende kralen

je stalt jezelf uit etaleert
creëert een eigen wereld
vrij met objets trouvés
een nature morte van verloren
resten een binnentuin waarin je
kunt verdwalen. de geest loopt
leeg a moment of perfection

ik hoor jouw loze dingen zingen
speur hun herinneringen
van keien aan de oceaan
droge bloemen aan de zomer
versleten kleedjes, wie ze
haakte wie ze kreeg

mystieke ziel jij ziet de zaken
in hun intrinsieke zijn
antiek- en kitschverzamelaar
bouw ons een huisaltaar
een veilig nest met bloemen
geur van wierook fruit
een kopje thee een glas sake

je koestert onbestendigheid
maar gunt de dingen nog wat
tijd. rondom je galerij van
sprokkelhout en korstmos
groeit een tuin vol leven


© lieve de vos
21 december 2013

        Foto 1: Canned Yams
        Foto 3: Frans Kerren

29.11.13

stilleven met luis




jij luizig beest dat schuilt
onder je schild verschalkt
ons sluipend in de nacht
terwijl wij sproeien en soigneren
lig je te sluimeren in de oksels
van het blad luie luis - en ik
ik moet voortdurend controleren
nee parasiet ik zie je
liever niet!

de wereld stikt ervan die
parasieten - gespuis
dat kiemt in het geniep
gedijt zo goed in ons klimaat
bestrijden is verbreiden
parasitaire golven zegt men
teisteren zelfs de slaap
totdat met regelmaat daar-
buiten iets of iemand
doodgaat

parasietje parasolletje
verstop je niet onder je dop
ik pak je toch ik hou de wacht
ik ga op jacht - ta taa
krijg je te pakken elke dag
dan rijst de vraag hoe gaat dat
menselijk doden?

als ik de bedjes van mijn
moestuin spit is dit een
staaltje van zinvol geweld?
ik werp slakken op het dak
strik de motten in een net
verzuip microben in het bad

en als ik eindelijk zelf crepeer
tussen de scharen van de kreeft
met nog een spuitje of een kreet
is dit onwaardig sterven?

© lieve de vos
29 november 2013

22.10.13

Fumé


ik zet een bierglas over je heen en
schuif een foto van mijn moeder
altijd voorhanden
onder je kont

je vader woonde hier binnen
je moeder was 't liefste in de tuin
en andersom
het hadden kruisspinnen kunnen zijn

maar jij bent er
nast schuim en elzas
vanaf de wand
nog even en je eet de suiker
net niet
uit mijn mond


Ploos, mei 2012

Denkend aan 'Schuim van Koper', aan Lieve De Vos

In de derde strofe schrijf ik 'nast', een jiddisch woord voor snoepen en lekker eten. 'Snacken', zeg maar.



"The difference between stupidity and genius is that genius has its limits." (Albert Einstein)

31.5.13

Bij Forss River




stilzwijgend glijdt het water naar de zee
onstuitbaar koud en transparant
wat bellen aan de kant

het hellend vlak de flagstones
en het natte kies zij roepen
op de wind

om een moment zonder stem
gestold tot ijzig glas
een leven dat verstilt de baar
die eeuwig hier voorbij
gedragen wordt

het blijft onwrikbaar
bij

© lieve de vos
31 mei 2013

14.5.13

een onbekend syndroom


in ons luimt de dood
ingebed in onze genen
zoveel kernen zoveel zaad

de doder is eruit gehaald
de duivel is au au gebleven
dit warme leven staat in brand
hij bijt en krampt
duwt en stampt
een ezel of een botte stier
de rode stinkend als
een geitenbok stotend
met zijn horens

speelt met de riek
priemt in je ingewand
doet je de duivel aan
inferno in de onderbuik
floept te voorschijn uit zijn doosje
piept naar buiten uit de aars

en in de wolken kijkt
het domme gezicht
van een god

het is wachten
op de nieuwe heilige
die heidenen bevrijdt
schriel meisje la flaquita
benig in haar kanten kleed
ooit zal ze welkom zijn
santa muerte




© lieve de vos
14 mei 2013