12.7.14
de laatste weg
voor Erika
dit boeket gelijkt op jou
een enkele lichte bloem
tussen rode rozen, je mysterie
Kwanyin die zweeft op wolken
vrouwenmantel met de krullen
van een nimf
ik weet niet of de heide bloeide
toen jij geboren werd bij Katowice
en ook niet of de merel in de meidoorn
zong, toen je gymnasium liep te Hagen
en toen al niet vergeten mocht
te prikken
soms werd je lastig toen je suikerwater
drinken moest, hoe zacht ook
was je niet gediend van dwang
maar heengaan deed je niet, telkens weer
kwam je terug, verwaaid en week
een vage glimlach op de lippen
zo liep je onvermoeibaar en alleen
een zinderende geest onder de zomerzon
die onverhoeds vervloog
om drie uur in de middag
je wandelde naar huis terug, naar
het genadeveld, land van geluk
waaraan je zorgzaam punt voor punt
steek na steek gewerkt hebt
sereen in je bewegingen
van binnen rusteloos en aangedaan
van mededogen
© lieve de vos
10 juli 2014
26.2.14
zen zen zen zen zen 2

ik durf het bijna niet te zeggen
maar ik heb geen wensen
buiten dit
wij hebben al te veel
we moeten rennen struikelen
over onze voeten
alsof je de levende vis
niet kunt vangen als je stil zit
in het zwijgend licht
je geest de vijver spiegelt
een heldere dag
als het licht zonder stilte is
zie je de verschillen
zet je je stekels op
maar is het licht
het zicht verloren
ligt alles braak en nutteloos
creëer een vacuüm in de tijd
de windstoot van de gedachte
is zo meteen voorbij
de onrust houdt het
voor bekeken
zie klaar zoals de zwaan
die melk van water scheidt
© lieve de vos
26 februari 2014
met dank aan Wanshi en Mokusho
beeld naar een pastel van Daniel Vilmus
24.2.14
zen zen zen zen zen
wij doen aan tijdverlies
best moeilijk zo
staren naar de wand
zodra je nadenkt groeien
hoornen op je hoofd
je moet het leven niet
verlengen maar het wachten
inperken zegt de krant
ja maak het leven korter
sneller naar het einde
hier is de plaats waar
het weten niet kan komen
vermijd erover te praten
je geest klept in en uit
zoals de honden blaffen
en schijten op de straat
alleen in wachten waken
wakker zijn en waarde
verschijnt de droom
van de watervogel in
zijn eindeloze ruimte

© lieve de vos
24 februari 2014
met dank aan Nansen, Dogo, Tozan, Wanshi en Mokusho
5.2.14
Gent

je moeder was ze, je thuis
aan beetje groezelig maar knus
en van haar nestgeur was je
je niet eens bewust
waar je rond lage tafels vrij
je dromen debiteerde languit
gestrekt op sofa's met afgezaagde
poten de lange haren schuddend
- dylan riep uit hese boxen -
jofel in slobbertrui en
obligate vuile jeans
zij is onze stad gebleven
statig met een knipoog en
warrig als een lapjeskat
spreidt haar wijde mantel
open: kom erin!
vertrouwd met elke hoek
met alle gaten blijf je
schatten vinden in
de zakken van
die ouwe jas
© lieve de vos
28 januari 2014
Foto: De Gentenaar online
28.1.14
wat lokt daar in de verte?

de leegte van de morgen
wiekt op in de felle zon
een motor scheurt te snel
voorbij - wat blijft? een ver
gezoem getater en gekras
is het het lachen van degenen
die verdwenen? hun ademen
dat tintelt op mijn huid? de
trage golfslag die mij draagt?
zij stegen naar de bergen op
lichtvoetig onbezorgd
het zong in hen vivace en
con brio want komaan
de tijd duurt kort!
één welgemikte klap
een hond onder de wielen
een slang wordt op het erf
met ruberrook bestookt
sist ze - ten aanval - kronkelt
in de vlucht? niets baat
hier is haar uur geslagen
zo worden ook geliefden
in één slag geveld
iets brandt er in hun ingewanden
een kiem van vuur een
weerlicht in het bloed
het manco van de tijger die
zich schuilhoudt voor de dag
hoor ik zijn laag gesnor?
de ogen van het spookdiertje
gaan straks onschuldig open
in de nacht
© lieve de vos
11 oktober 2013
13.1.14
Ons illusoire ondier van Loch Ness
wat schuilt er onder dit rusteloos
kabbelende bestaan? wat leeft
en loert onder het oppervlak
wat is het dat ons drijft
waarop wij drijven?
strak aan de einder rukken wolken aan
dik in het gelid
de wolf volgt als vanouds
het uitschot van de mens
en in het drasland blaft een reekalf
om zijn moeder
gemis bijt in de huid als knijten
die je niet ziet wel alom voelt
rond de obscure plek van Altnabreac
waar schaap noch hert de leegte roert
idyllisch is het land
een paradijs geen mens
ertegen bestand
hij krabbelt oeverloos tussen de stenen
een beer die op de bergflank
motten zoekt
graaft in de kille aarde naar
een glimp van goud die even
klatert en vervloeit als water
maar als hij opkijkt komen
door een veld van distelbloemen
zwaar gehoornde koeien aan
onder een lucht van rook en zilver
lood en tin
zal wie in tranen zaait
in vreugde oogsten
het tij zal keren leven stromen
als beken naar de Okavango
tot alle schraalheid overspoelt
en blikkert van het licht
© lieve de vos
24 augustus 2013
30.12.13
Bijlokevest

stiller kan een straat niet zijn
zo leeg, beloken onder bomen
het puin van vesten in de grond
en mensen aan de rand
haar fiets flitst onder het boogje
door langs de kraan waar ze haar
breukrijst wast. dan de wc's
nee - ze wendt het hoofd
proleten zwijgen en betalen
nog wekelijks de huur aan
een oude feeks - de eigenaar
onvatbaar als vanouds
alleen het kijven van de hoer
de ruzies met haar moer
haar kinderen geplaatst. toch
haalt ze aspirine voor je koorts
hier stond een armenhospitaal
een godshuis, zieken op de zaal
en aan het eind ekkergemkerk
boven de sloppen de refuge
de oude man hield van het poesje
tot hij discreet werd opgehaald
de jonge vraagt of ze geen zin heeft
om te vrijen. zijn zwangere vriendin
maakt geen bezwaar
nee liever zit ze op de stoep
verpot haar plantjes in de zon
kijkt prentenboeken uit het oostblok
met het magistratenzoontje
aan zijn gouden kooi ontglipt
eddy, speedy genoemd, is woest
zijn liefje jammert met de mond vol
bloed - elk kind kost je een tand
haar jas is door zijn maat gepikt
een proletarisch eiland en niet eens
gekraakt. verdoken tussen herenhuizen
promenades en een drukke ring
nog steeds de schamelen van geest
rug aan rug staan residenties en beluiken
zalig de arbeider, maar blijf uit onze
onze ogen! je ongewassen
kinderen worden weggejaagd
's winters put ze met een kannetje
mazout uit een verroeste tank
's zomers hoor je over hoge muren
alweer de vogels zingen in
de tuinen van de rijken
© lieve de vos
30 december 2013
21.12.13
De prieelvogel
je omringt je met dingen
die mooi zijn en waardeloos
broze uitgeteerde blaadjes
veertjes lampionskeletten
lege poppen keverschildjes
witgebleekte schelpen botjes
als ex-voto's voor een god
je pikt noten als een eekhoorn
blink en glitter als een ekster
jij bent een souvenirwinkelier
verzamelaar van etiketten
rariteitenkabinetten. bewaar
je schatten kunstenaar die
zoveel naar je gading vindt
jij hippe speelvogel in je prieel
met koperglans miniatuurtjes
schellen klokken schalen
vol met glinsterende kralen
je stalt jezelf uit etaleert
creëert een eigen wereld
vrij met objets trouvés
een nature morte van verloren
resten een binnentuin waarin je
kunt verdwalen. de geest loopt
leeg a moment of perfection
ik hoor jouw loze dingen zingen
speur hun herinneringen
van keien aan de oceaan
droge bloemen aan de zomer
versleten kleedjes, wie ze
haakte wie ze kreeg
mystieke ziel jij ziet de zaken
in hun intrinsieke zijn
antiek- en kitschverzamelaar
bouw ons een huisaltaar
een veilig nest met bloemen
geur van wierook fruit
een kopje thee een glas sake
je koestert onbestendigheid
maar gunt de dingen nog wat
tijd. rondom je galerij van
sprokkelhout en korstmos
groeit een tuin vol leven
© lieve de vos
21 december 2013
Foto 1: Canned Yams
Foto 3: Frans Kerren
Gepost door
Lieve De Vos
op
21.12.13
Labels:
huisaltaar,
prieelvogel,
stilleven,
verzamelen
4 opmerkingen:
Abonneren op:
Posts (Atom)


