wij stonden op straat en zagen
verwonderd de blauwgroene bellen
ze stegen tegen de gevel omhoog
geribde gebrilde vissenogen
staarden ons vredig aan
daarbinnen vonden we het hol van
de vos, de aarden burcht waar
vanouds de das bivakkeerde
zijn wanden in oker en
roze gekrakeleerd
met in het midden de schacht
klaar wemelend water
dat steeds weer verblauwend
rees, vergrijzend daalde
vibreerde in lucht en licht
en boven de hoofden slingerde zich
de draak met kobaltblauwe schubben
hij strekte zijn klauwen ten hemel
tot het hoogste punt een kruis
of was het een ster
hier leefde de geest van het huis die
zich koelend over de mensen welfde
de ruis der getijden dempte, hen
omarmde als een schuiloord
voor de ontstuimige zon
© jindoni
31 oktober 2010



