zin: animo genoegen smaak voorliefde wens betekenis begrip gevoel gezindheid frase stemming


8.9.10

Langueur de vivre


zomer is moe een bandeloze
roos zweeft nog op de wind
moet naar buiten kind jij bent
niet moe hok niet binnen moeke
is moe die kater doet moedwillig
zijn gevoeg in mijn tuin toch
de zon wordt het niet moe en
moeiteloos snellen wolken

de winnaar is moe et ses amis
de l'autre côté aussi fatigués
moedeloos lepelt moesje
laatste lepeltjes levenszin
moe de hoofden van zonen
sjofel van ontmoediging oogst
je pompoenen pluk bonte dahlia's
moede hortensia's droog in de vaas

moeilijk wil de levensmoed die
overdaad maakt moe verdrinkt
in overmoedig bitter vreten
met beter nooit tevreden want
moe en moe is moe
en moe is moe

©jindoni
8 september 2010

gepubliceerd op Krakatau op 17 september 2010

2.9.10

Verder de trek


zoek je weg tussen blinde
tredmolens
ontwijk mediageilen en benijders
hoed je schone handen voor dolle honden
met blikkerende tanden
welnee
bij nader toezien tandeloos
blaffend uit op hol geslagen zinnen
alleen hun adem
stinkt nog in de windstilte

geef mij liever wolven
die zangerig een liedje huilen
in het bos en op de pleinen
hun gejammer is tenminste muzikaal
en hun smartlappen slijten niet

betaal je verre boetes
koop nieuwe identiteiten
onbekend en niet te kapen
neem het stuur in de hand en rijd
heen uit de smog van heden

naai de sneden in je vlees niet met naalden
mijd globules en frasen
duizendmaal geklutst en vermalen
dierlijke resten bederven je appetijt
de geest is taai en vindt lichte paden

niettemin is dus bekwaam en zonder zwetsen
boven je hoofd een dak gebouwd
proeft grootmoe vredig genegenheid en een sapje
likt een kleutervingertje nog steeds de honing
van wasbloemen die vloeit tegen de avond
afgewisseld met zure blaadjes in zonnig gras
beroert pissebedden en slakjes onder een steen

nu ga jij alleen, wordt weer wolken en water
keert terug als langlevende meeuw
onderweg zonder wijzers of kaarten
zolang de mens gaat draait de aarde

Coda, der ewige Kreis
beluister de Canon in D-groot van Johann Pachelbel














© lieve de vos
2 september 2010

1.9.10

Wake


het woekert
in je schrale hoofd
je haren net geknipt
voor de laatste opmaak

geheugen druppelsgewijs
in vaatjes banen
met tussenpozen
geen glucose

................................dag lowietje zeg je
je wekte zonen vele
gisteren noemde je jan
en daarna ook wim
dat was
toen piet er was

je lichaam slikt niet meer
nuttigt enkel nog zichzelf
je doet het zuinigjes aan
verteert langzaam
lang

.........................benen hand peuzelt papier
wil je een blaadje
moet het los
kijk het is los
wie ga je het geven

je ziet me nu - even
knipoog je
een lachje?

...........................bij het afscheid waag ik
peter komt ook nog
uit amerika
(wie weet
op tijd)

uit je dorre gelaat
lekt een scheutje
vreugde

© jindoni
1 september 2010

29.8.10

In vertrouwen














op witte voetjes
kwam je bij me schuilen
voor de winter
en gladder dan de poes
palmde je het nestje in
een frisse bries
deed meubels schuiven

je malle figuurtje zit
ijverig boetserend
gebed in zijn schaal
het genus ontsluit
je charme latent
verscholen talent
hoe dan ook geniaal

die beperkte stek
breek je weldra open
de wereld je thuis!
met stevige voetjes
nader je zoetjes
vroeg koekoekje
roep je de zomer nabij?

© jindoni
11 februari 2010


voor Ciska

24.8.10

Uiteindelijk de regen




hij zet in
haast ongemerkt
laat de hemel gordijnen neer
dan zijgt het in sloten, beken
lopend restant van leven

het hoofd nog stomend
van zomerbrand
weigert te slikken, wil niet wijken
houdt profijtig de dijken dicht

gauw stroomt het over
sleept al wat wankel is mee
in een museum en verre streken

ook hier welt stuwing en zachte dwang
een kind verdrinkt aan het strand
een lijk duikt op in de haven
of steekt uit het zand

ook het water van zwangere vrouwen breekt
in de tweede helft van oogst

elders wordt leven uitgedroogd
de dood vrij spel gelaten

en tegen de avond
zweven de raven
geen olijfblad of taxustwijg


©jindoni
24 augustus 2010

23.8.10

B. old graveyard




graven
staan stil
zij verdrijven de tijd

bij voorkeur zijn ze verdwenen
overschouw de leegte
het veen en de vennen
verweerde stenen
staren zich blind
aan de lucht waart nog licht

daaronder verteren beenderen
geurt verval uit de natte aarde
waar bezinksel van lijven slinkt
de laatste verhevenheid
inklinkt, tot enkel
een stèle ten hemel reikt

ruïnes gluren als hunebedden
hun ogen door de
elementen weggevreten

zovele levens finaal vergeten
verschrompeld tot korstmossen
op zerken, scheefgezakt
in het wilde gras

evenzeer
ruist beneden
de zee

© jindoni
23 augustus 2010

11.8.10

Leven gaat voort




haar wereld bevolkt met
dinosaurussen.......een nieuwe periode
zij kent de dood .......in de ontwikkelings-
deze generatie stopt .......psychologie
niets onder het bordje
eet braaf haar korstjes op .......o moeder, waar
.......is de trotzfase gebleven?
zij heeft uiteindelijk besloten
te groeien
maar zal altijd .......hoogsensitieve neuroten
bij mama blijven .......komen pas later
.......tot ontplooiing
de hondjes
haar broers
rottweiler en lurcher .......mannen
snappen reeën en konijnen .......zal zij kennen
de tamme oehoe .......en moordende haat
pikt haar jas .......hopelijk niet metterdaad
verloren in het gras .......maar woorden als messen

zij trotseert winterstormen ..........hier worden geen neuzen
en zomermuggen ..........afgesneden
huilt om het vosje ..........................o grootspraak
in de film ..........enkel liefde gekraakt


kust overgrootmoe
zonder schroom
dement en terminaal
haar familietekening ...........geen tijd, kind?
telt zes kippen bij naam...........de plastieken menagerie biedt raad
honey en rosie...........sociale interactiepatronen
in reuzehanenpoten...........dienen geoefend


weer wenkt de luchthaven
zij knuffelt en kirt .......toen oma vier was
huppelt .......woonden grootouders
mijn wereld uit .......in de hemel

© jindoni
11 augustus 2010

gepubliceerd op Krakatau op 17 september 2010

7.8.10

Passage 2010




de kern van dit leven wil ik kraken voor
mijn geliefden klein en groot kind en kraai
zevenmijls zullen we lopen op rubberlaarzen
tussen angusrunderen badderen door slijk

ik bespikkel je kale heuvels met schapen
de ochtendwei melancholisch bepareld
over je voorland wit poeder gestrooid
het moeras van je hart bevlag ik met pluizen van veen
je weg paars omzomen met distelkronen
de bermen met zoete spirea bepluimd

hand in hand gaan we ijskoude pootjes baden
wankelend zweven op rollende golven
met krijsen en bruisend gelach
om daarna een nieuw continent te betreden
versplinterd zijn grenzen momenten in zand geharkt
als tuinen onder granieten keien van eeuwen

zonder vrees verkennen we grotten van gneis
stoten op drijfhout in de roze woestijn
gebleekte wervels klauwen en ribben op zwart
satijn een buik ros behaard tersluiks
onthul ik de staart vergooi in de wind
oude raad aan de dood niet te raken

want met jou wil ik alle kusten beklimmen
hoe hoog ook de klip in de duinpan van je
armen niet rusten tot de top is bereikt
boven kerkhoven speuren naar bruinvissen en dolfijnen
wij vangen een glimp waar het water rimpelt
de tuimelaar buitelt zij ronden de kaap

door membranen van oceanen en aarde
pulseren talloze wezens ontstaan en vergaan
nu vrij zijn de wereld in stilte te proeven
alleen is het uitzicht ruim en wijd
verwijlen in onbeweeglijkheid
genieten de glans van de tijd

© jindoni
28 juli 2010

gepubliceerd op Hernehim Cultuur op 7 december 2010